Arborisico’s van biologische agentia (infectierisico’s)

Algemene hygiëne in de huisartsenpraktijk

Oplossing status: Goedgekeurd door NLA - 01-10-2022

De algemene hygiënerichtlijn geeft informatie over reinigen, desinfecteren en steriliseren. Deze onderwerpen worden hieronder verder toegelicht.

  1. Reinigen. Onder reinigen wordt verstaan het verwijderen van zichtbaar vuil en onzichtbaar organisch materiaal om te voorkomen dat micro-organismen zich kunnen handhaven, vermeerderen en worden verspreid. De keuze voor nat of droog reinigen is afhankelijk van de aard van de vervuiling. Reiniging van de vloer gebeurt bij voorkeur met een droog systeem omdat de vloer dan na reiniging  direct weer  begaanbaar  is. Bij aangehecht vuil is  droge reiniging niet afdoende en moet een nat systeem gebruikt worden.
  2. Desinfecteren. Desinfecteren is het inactiveren of reduceren van de schadelijke micro-organismen op levenloze oppervlakken alsmede op de huid en slijmvliezen tot een aanvaardbaar niveau. Desinfecteren van oppervlakken en instrumenten kan zowel chemisch als thermisch worden gerealiseerd. Thermisch desinfecteren verdient de voorkeur boven chemisch desinfecteren (waar  dat mogelijk  is). Desinfecteren is  nodig voor instrumenten die in aanraking  komen met de intacte huid of slijmvliezen. Desinfecteren is ook nodig voor oppervlakken en instrumenten die bevuild  zijn met schadelijke micro-organismen of met bloed of lichaamsvloeistoffen met zichtbare bloedsporen.
  3. Steriliseren. Onder sterilisatie wordt een proces verstaan dat alle micro-organismen op of in een voorwerp doodt of inactiveert zodanig, dat de kans op de aanwezigheid van levende organismen per gesteriliseerde eenheid kleiner is dan één op een miljoen. Sterilisatie is nodig voor instrumenten en textiel die de barrière van de huid en/of de slijmvliezen doorbreken en derhalve in aanraking komen met steriele weefsels. Als basisregel geldt: reinigen gaat altijd vooraf aan steriliseren. Na huishoudelijke reiniging en/of reiniging in een ultrasoon reinigingsbad moeten de instrumenten en het textiel verpakt worden in laminaatzakjes voor sterilisatie. Steriliseren wordt uitgevoerd met behulp van een stoomsterilisator. Het kan voorkomen dat uw beroepsgroep zelf nadere regels heeft opgesteld met betrekking tot sterilisatie. Raadpleeg altijd eerst deze regels voordat u gaat steriliseren.

Schoonmaakplan
De huisartsenpraktijk wordt bezocht door patiënten met gezondheidsklachten waardoor er een extra risico is dat zij besmettingsrisico’s veroorzaken. Daarom is het essentieel dat de ruimtes en instrumenten planmatig schoongehouden worden. Hiervoor hanteert u een schoonmaakplan. De vereisten hiervoor zijn uitgewerkt in de landelijke Richtlijn infectiepreventie in de huisartsenzorg.  In dit schoonmaakplan is bepaald:

  • Welke algemene schoonmaak u uitvoert: de aard van de schoonmaak en de frequentie. Daarbij hanteert u onderscheid tussen droog en nat schoonmaken. Er wordt van boven naar beneden en van schoon naar vuil gewerkt.
  • Welke specifieke schoonmaak en desinfectie u hanteert: welke ruimtes en oppervlakken worden in verband met verhoogd risico op blootstelling aan biologische risico’s specifiek schoongemaakt. Daarbij is er speciale aandacht voor behandel/spreekkamers, wachtruimtes, sanitaire ruimtes en andere bezoeker gerelateerde ruimtes. U geeft aan wat de aard van de schoonmaak is en de frequentie daarvan. Hierbij hanteert u de principes van de Algemene hygiënerichtlijn. Bij sterke vervuiling wordt eerst algemeen schoongemaakt en daar waar dit wenselijk is wordt afsluitend gedesinfecteerd. Voor kleine oppervlakken kan dat met een mengsel met 70% alcohol gebeuren (onder voorwaarden van voldoende ventilatie en gebruik van alcoholbestendige handschoenen), voor grotere oppervlakken gebruikt u chloorhoudende middelen zoals voorgeschreven in de Algemene hygiëne richtlijn.
  • In geval er sprake is van een uitbraak van bijzondere infectieziektes (ziektes die gemeld moeten worden bij de GGD) of behandeling van een persoon of doelgroep waarvan vermoed kan worden dat deze speciale besmettingsrisico’s met zich mee brengt, dan wordt hierop een specifiek schoonmaakregime gehanteerd (denk aan Noro-virus, COVID-19, MRSA). 

NB. In het schoonmaakplan wordt zoveel als mogelijk rekening gehouden met de aanbevelingen van het LCI en de NHG Richtlijn Infectiepreventie in de huisartsenzorg, ook wat betreft het minimaliseren van de kans op resistentie.  
De gehanteerde protocollen geven aan dat voor desinfectie middelen gebruikt moeten worden die ethanol bevatten (alcohol 70%). Ethanol is in het kader van de Arbowetgeving ingedeeld als een CMR stof. Dit moet beschouwd worden als een ongewenste stof en het gebruik moet geminimaliseerd worden, dus alleen ingezet worden als dit strikt genomen niet met andere middelen kan. Hier dient u rekening mee te houden in uw hygiëneprotocol.

Oplossing voor arborisico: Infectiepreventie

Minimum eisen:
Er moet een hygiënebeleid (en -protocol) zijn, waarvan een planmatige schoonmaak onderdeel is, in lijn met de LCI richtlijn Reiniging, desinfectie en sterilisatie in de openbare gezondheidszorg en de Richtlijn infectiepreventie in de huisartsenzorg (NHG). U zet ethanol-bevattende middelen alleen in als dat strikt genomen niet anders kan.

Andere voordelen bij toepassing oplossing:
Een schone omgeving met zichtbare aandacht voor hygiëne draagt bij aan een overzichtelijke en rustige sfeer.

Tips:
Maak duidelijke afspraken over het naleven van het hygiënebeleid.

Relevante wet- en regelgeving:

Arbobesluit artikel 4.89

Een korte omschrijving en een link naar de volledige teksten van de artikelen staan onder het wettelijk kader  van de risicogroep.

Bronnen/achtergrondinformatie:

Reiniging, desinfectie en sterilisatie in de openbare gezondheidszorg (LCI)
Richtlijn infectiepreventie in de huisartsenzorg (NHG)
Reiniging en desinfectie van ruimten, meubilair en voorwerpen (NHG)

Succes- en faalfactoren:
Iedereen moet zich bewustzijn van de risico's van het niet naleven van het hygiënebeleid en moet onderdeel zijn van de organisatiecultuur. Besteed periodiek aandacht aan het hygiënebeleid en scherp regels periodiek aan om het levend te houden met inbreng van een ieder.

Randvoorwaarden:
Het hygiënebeleid moet bij iedereen bekend zijn en onderdeel van het inwerkprogramma voor nieuwe medewerkers.

Trefwoorden: schoonmaak, desinfectie, hygiënebeleid